Livina Lippens vertelt over O.L.V. Van De Souterrain
Moen, den 1sten september 1973
Den eerste bedevaart heeft de Onze-Lieve-Vrouw vanuit de kerke die daar aan den biechtstoel stond gedragen naar de kapelle.
Met vier mannen het beeld op hun schouders, al te zamen in stoet, te voet al de Klijte; dan langs de vaart van aan Frans Demeesters en dan recht naar de kapelle.
Daar stonden drapots van aan Frans Demeesters tot bachten onze koeiestal en boven op den barm eenen groten drapo met een grote Onze Lieve Vrouwe er op.

Het eerste dat gebeurd is: de onze lieve vrouw werd in de vaart geworpen; het kind Jezus was zijn kopje en zijn handjes af. Wij hebben het doen herstellen. Het is waarschijnlijk alzo dat zij de naam gekregen heeft van Onze Lieve Vrouwe van de Souterrain.
Het tweede dat er gebeurd is: zij heeft gebrand! Dat schoon wit kleedje dat Angele Brijs gemaakt had en nog veel andere soorten werden verbrand. Angele heeft gezegd: “Ik zal een ander maken”.
Het derde dat er gebeurd is: meneer de pastoor Scherpereel heeft gezegd: Ik heb in de boeken gekeken: het is het oudste kapelleke van geheel Moen. Wat denkt u daarvan? Dat is heel schoon voor Moen.
Ik zal er voor zorgen en geerne onderhouden. Er was een houten deur aan. Zij was gans kapot geslagen. Cyriel Suis van Moen had een ziek vrouwtje. Hij beloofde daar aan de kapelle een ijzeren deur aan te maken en er boven op het kapelletje een kruisje op te zetten.

Den eersten bedevaart in 1934 heeft mijnheer Scherpereel gedaan en den onderpastoor was zeker mijnheer Coucke ofwel onderpastoor Vermeersch.
Den tweeden bedevaart mijnheer pastoor was Opsomer en den derden pastoor was Bauttemans.
Livina Lippens