De Heerlijkheid van Baveghem

Naast die van Mauwe, ’t bijzonderlijk de heerlijkheid van Baveghem die merkweerdige gedenkstukken oplevert welke wij in boeken gevonden hebben en deels aan de welwillende mededeeling van den heer Burgmeester van Sweveghem en van den hedendaagsche bezitter of eigenaar, d’heer MeuIemeester, verschuldigd zijn, iets waarover wij het ons tot eere rekenen van hier onze hertelijke dankbaarheid aan die heeren te mogen uiten. Trouwens d’heer MeuIemeester heeft over een jaar of twee die oude heerlijkheid afgekocht aan den heer Baron d’Hooghvorst die ze zelve bekwam na den heer Baron de Secus.
De naam van d’Hooghvorst immers komt, in de familie de Brune, die vele keeren van Baveghem op leverde in dien tijd.


Die heerlijkheid was gelegen half kwartiers uurs west van de plaatse van Moen. Eene kappelle
stond bij dit goed te midden den weg die van daar noordwaart loopt naar Sweveghem. Zij bestond reeds in 1640 zoo eene landkaart het bewijst, was zoo groot dat men er mis kon in lezen en had gesticht geweest door de heeren de Brune die ze waarschijnlijk ook met het inzicht van op sommige dagen er mis te doen celebreren gebouwd hadden. Onlangs is op de hofstee Meulemeester een witte moellon steen gevonden geweest waarop het wapen van eene de Brune gebeeldhouwd staat. Die steen komt uit de kappelle en was nu in doolaardsbende, gezocht zijnde sedert langen tijd door M. van der Brugghen van Gent die ook verwantschapt is aan d’heeren de Brune, toen, eenige maanden geleden, bij geval op de vraag die ik gedaan had om er naar te zoeken, men hem gelukkiglijk vond. Die steen zal in eenen muur van Meulemeester’s hofstee tot gedenksteen gemetst zijn.


Er was ook voortijds ten westen en ten noorden van den knock waar op de kappelle stond eene lange waterput, en hiervan komt deze uitdrukking die men aantreft: “den Baveghemput met den Cnock daer hat cappelleke opstaat.” Buiten d’heeren de Brune zijn er nog eenige oudere heeren van Baveghem, te weten van het geslacht van Lummen alias Van Marcke. De oudstbekende is François van Lummene alias Van Marcke, fs. Jooris, schildknaap, heer van Hemsrode, Geyseghem, Triest, Baveghem, overleden 11 December 1580 en begraven in St.Baafs te Gent in de kappelle van Sint-Jan Bapt., voor welkers François van Lummene eene schilderij schonk gemaakt door G. Decrayer en verbeeldende de onthoofding van St. Jan. Bapt. D’huisvrouw van Frangois Van Lummene was Catharina, dochter van den vermaarden Jan Hembieze, die in den geuzentijd eene groote rolIe gespeeld heeft.

Bierre, “’t Oud Graafschap van Moen”, 1875